22 juni 2010
Greg Richards, hoogleraar aan het Departement Vrijetijdwetenschappen van de Universiteit van Tilburg, maakte in opdracht van 2018Brabant een analyse van de kosten en baten van de titel Culturele Hoofdstad. Uit zijn onderzoek blijkt dat de totale economische impact gemiddeld twee keer zo groot is als de totale investering in het programma.
Hoogleraar Greg Richards deed onderzoek naar kosten en baten
Op basis van de effecten bij andere Culturele Hoofdsteden heeft Richards een drietal scenario's ontwikkeld voor de mogelijke opbrengsten van de kandidatuur van BrabantStad Culturele Hoofdstad. Met een sterk programma en een goede voorbereiding ligt een directe opbrengst van meer dan 200 miljoen euro in het verschiet.
Om de vraag, 'wat kost een Culturele Hoofdstad en wat levert deze op', te beantwoorden, maakte prof. Richards een analyse van de ervaringen van 25 eerdere Culturele Hoofdsteden. Hieruit blijkt dat de totale economische impact gemiddeld twee keer zo groot is als het programma-investering. Daarvan komt het overgrote deel uit bezoekersbestedingen (hotelovernachtingen en horeca-inkomsten). De overige inkomsten komen uit de culturele sector (investeringen en entreegelden), groei van het zakelijk toerisme en mediawaarden. Koplopers, zoals Liverpool, zijn er (volgens eigen onderzoek) in geslaagd een totale economische impact van 1000 mln. te behalen bij een investering van 200 mln. Het onderzoek concludeert dan ook: hoe groter de investering en hoe beter het programma, hoe groter en duurzamer de opbrengsten. Niet alleen economische rendementen, maar - of vooral- culturele, sociale en imago impact zijn van belang. De successen van bijvoorbeeld Antwerpen, Lille en Liverpool laten dit zien.
De ervaringen van elders zijn vertaald naar de context van BrabantStad, waarbij is gekeken naar de kosten en baten van de Culturele Hoofdstad in een meerjarig perspectief, inclusief de voorbereiding/bid en de effecten na afloop van het evenement. Om de mogelijke economische effecten van de ECOC (European Capital of Culture) voor BrabantStad te kunnen inschatten, zijn er drie scenario's ontwikkeld op basis van eerdere ervaringen van de ECOC.
De berekeningen van Richards geven aan dat de beoogde extra bezoekersbestedingen voor BrabantStad Culturele Hoofdstad in het titeljaar tussen de € 84 mln. (lage scenario) en € 124 mln. (hoge scenario) zullen liggen. Als ook de effecten voor de culturele sector, zakentoerisme en mediawaarde worden meegenomen kan de directe economische impact tot boven € 215 mln. oplopen. In dit bedrag zijn ook de opbrengsten van de projecten in de aanloop naar het titeljaar meegenomen.
Naast de directe economische inkomsten is er sprake van indirecte economische impact. Het gaat hier om de effecten die de gestegen omzet door bezoekersuitgaven op de rest van de economie hebben. Bedoeld wordt bijvoorbeeld de inkomsten van toeleveranciers, vervoerbedrijven etc. Toegepast op de situatie in BrabantStad betekent dat nog eens 50 mln. die in de regio wordt verdiend.
Culturele, sociale en imago impact
Behalve de economische impacts van de Culturele Hoofdstad laat het onderzoek zien dat er ook andere, minder tastbare effecten voorkomen. Deze zijn o.a.:
Interviews onder de bevolking van de Roemeense stad Sibiu (Culturele Hoofdstad in 2007) wezen uit dat de inwoners trots zijn dat hun stad op de kaart is gezet en op het vele bezoek van mensen buiten de stad. Meer dan 95 procent is dan ook van mening dat er meer geld richting Sibiu kwam en bijna twee derde vindt dat de sociale cohesie door het evenement is verbeterd. In Luxemburg, de andere Culturele Hoofdstad in 2007, wijst onderzoek uit dat alle bevolkingsgroepen meer deden aan cultuur; inclusief jongeren en de vele migranten in de stad. De Culturele Hoofdstad leverde ook een belangrijke bijdrage aan het 'regiogevoel' in Luxemburg en omringende landen.
Een dergelijke versterking van sociale cohesie en identiteit is ook belangrijk voor BrabantStad, als 'mozaïek metropool' in wording. Het geconstateerde effect voor omliggende regio's bij de recente Culturele Hoofdsteden geven ook aan dat dit ook voor BrabantStad een breder effect kan hebben, met name voor het niet verstedelijkte ommeland.